Navigatie: Heemkunde Maasbracht - Over Maasbracht - Geschiedenis - Een kaart uit 1693
Ga terug: Geschiedenis

Een kaart uit 1693

Volgens oud recht maakt de oud-pastoor Christianus  Hoffstadens van Linne in 1647 aanspraak op de Lammertienden (een tiende van alle blatende/jonge lammeren) van de Mispadenhof, maar de toenmalige leenman Gerard Graus, hoofd van de rekenkamer van Gelderland maakt hier bezwaar tegen. Als in 1648 Marten Tobben, de nieuwe pastoor van Linne, deze kwestie voorlegt aan de leenkamer in Stevensweert blijkt dat in de stukken van graaf Herman Frederik van de Bergh, de leenheer van Mispadenhof, hierover al iets bepaald is. Vervolgens wordt op 31 mei 1628 contractueel vastgelegd dat de pastoor jaarlijks een middelbaar lam moet krijgen en daarna ook zelf nog een lam mag kiezen.

Desondanks moet de pastoor van Linne in 1687 diverse malen vragen om zijn lammertiend, opnieuw wordt bevestigd dat de pastoor hier recht op heeft.

Beide kwesties geven aan dat het gebied van de parochie Maasbracht niet samenvalt met dat van de gemeente Maasbracht. De zuidelijke grens van de parochie Linne werd voor een gedeelte bepaald door de Krombeek. Dit had tot gevolg dat de helft van de huizen in de Beek en ook die in Sint Joost tot het gebied van de parochie Linne horen, dus dat de bewoners in Linne ter kerke moeten gaan. 

Dit leidde er toe dat in 1693 een oorkonde wordt opgesteld, ondertekend door de burgemeester en schepen van Maasbracht waarin het gebied van de gemeente wordt omschreven. In de oorkonde wordt dan ook gesteld dat alle huizen te Beek en Sint Joost gelegen zijn binnen de ”grond, district en limieten van ons Kerspel (=parochie) Maasbracht” die bepaald is door de Maas, de Gracht (= Vlootbeek) en een omgaande lijn. Deze lijn is op kaart aangegeven en loopt via de Gracht naar Montfort, langs Schrevenhof (=hof van de graaf) via Bosserhof naar Kruchten. Gezien de formulering van het gebied is het zeer waarschijnlijk dat de pastoor Vostermans van Maasbracht het hier volledig mee eens is geweest.

Het doel van de oorkonde is dan ook te bereiken dat alle inwoners van de gemeente ook verplicht zijn in Maasbracht naar de kerk te gaan.

Deze oorkonde wordt op 23 april 1693 ondertekend door Drijck Nelisse, burgemeester tot Maesbraght en Willem Moors, schepen tot Maesbraght. 

Het geschil wordt voor de kerkelijke rechtbank in Roermond gebracht. De bisschop beslist dan in 1696 dat de inwoners van Maasbracht - Beek tot de parochie in Linne behoren. Pastoor Vostermans houdt echter vol, na een jarenlange strijd bereikt hij zijn doel: alle inwoners van de gemeente horen ook bij de parochie Maasbracht.



Bronnen:
- Ton Valkenburg, Geschiedenis van Brachterbeek