Het gemeentewapen van Maasbracht van 1889
Wil Filott
In West-Europa kwamen vanaf de 12de eeuw op het slagveld en bij toernooien gesloten helmen en het lichaam bedekkende wapenuitrustingen in zwang. Een gevolg daarvan was dat de individuele strijders (ridders) tijdens toernooien en op het slagveld moeilijk te herkennen waren. Dat probleem probeerde men op te lossen door op de wapenrusting tekens aan te brengen. Deze verwezen naar de gebruiker, diens familie, sociale positie, relaties. Uit deze individuele tekens ontstonden gestandaardiseerde afbeeldingen: heraldische wapens.
Voorbeelden: Maasbracht behoorde tot 1543 tot het hertogdom Gelre en van 1543 (Verdrag van Venlo) tot 1715 tot het Habsburgse rijk. De familiewapens van de heersers over Gelre en het Habsburgse rijk zijn hieronder afgebeeld.
Later gingen ook steden, gilden, territoriale entiteiten kerkelijke instellingen, en gezagsdragers heraldische wapens gebruiken.
In 1715 werd de streek waar Maasbracht lag als Staats-Opper-Gelre een generaliteitsland van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Na de Franse inval in 1794 werd Staats-Opper-Gelre in 1795 ingelijfd in de Franse republiek en ingedeeld in het Département de la Meuse inférieure.
Maasbracht is pas sinds de inlijving een burgerlijke gemeente. Dat bleef zo na het vertrek van de Fransen in 1814. De gemeente Maasbracht kende vier “kernen”: Kruchten, Maasbracht dorp, Beek en een deel van Sint Joost.
Kuyperkaart gemeente Maasbracht 1866
Het grondgebied van de gemeente Maasbracht bleef ongewijzigd totdat in 1991 de gemeenten Linne, Ohé en Laak, en Stevensweert aan Maasbracht werden toegevoegd. Per 1 januari 2007 is de gemeente Maasbracht opgegaan in de nieuwe gemeente Maasgouw.
De aanvraag voor een gemeentewapen voor Maasbracht in 1889
De gemeente Maasbracht heeft het lange tijd zonder officieel gemeentewapen moeten stellen. Pas in 1889 diende het gemeentebestuur bij koning Willem III een verzoek in tot het mogen voeren van een gemeentewapen. Dat verzoek staat hierna weergegeven.
“Maasbracht, 9 april 1889
Sire!
Het gemeentebestuur van Maasbracht, provincie Limburg neemt de eerbiedige vrijheid aan Uwe Majesteit het verzoek te richten, om aan deze gemeente toe te staan het hierbij gevoegde wapen.
De gemeente Maasbracht behoorde vóór de vereeniging met Frankrijk in 1796 bij de schepenbank Echt, en had bij gevolg geen onafhankelijk civiel bestaan en geen afzonderlijk schepenzegel, maar zij is daarentegen een zeer oude parochie, waarvan de H. Gertrudis van Nivelles patrones is. Het is uit deze parochie, dat de Franschen op het laatst der vorige eeuw de tegenwoordige gemeente hebben gevormd.
Dat samenzijn met Echt en de van oudsher erkende zelfstandigheid als parochie, zou het gemeentebestuur gaarne in volgend wapen en gemeentezegel wille in herinnering houden.
Wij beschrijven dit wapen als volgt:
Gedeeld: rechts in keel een St Andrieskruis van zilver, vergezeld van twaalf herkruiste kruisjes van goud, in elk kanton drie (Echt); links in goud de H. Gertrudis van Nivelles, dragende het gewaad van abdis van sabel, aangezicht en handen van natuurlijke kleur, houdende in de linkerhand een kromstaf, waartegen achter elkander opklimmen drie muisjes van goud, de kromming van den staf van sabel.i
Ten slotte verzoekt het gemeentebestuur van Maasbracht aan Uwe Majesteit, ingevolge het Koninklijk besluit van 3 januari 1818, no 91, ontheffing der rechten, tot verleening van wapens, zijnde deze gemeente eene plaats, wier bevolking geen 5000 zielen bedraagt.
Hetwelk doende
Het gemeentebestuur van Maasbracht,
(Get) Joh. van der Venne, Burgemeester.
(Get) L. Creemers, Wethouder.”
Op het verzoek werd al vrij snel beschikt, namelijk op 9 mei 1889. De beschikking luidt voor zover het Maasbracht betreft als volgt:
“Wij WILLEM III, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, Groot-Hertog van Luxemburg, enz., enz., enz.
Beschikkende op de Ons ingediende verzoekschriften van de besturen der gemeente Maasbracht ..(Limburg) om de toekenning van eigen wapens aan die gemeenten en om vrijstelling van deswege verschuldigd taxen:
Hebben goedgevonden en verstaan:
Aan de gemeente Maasbracht te verleenen het volgende wapen:
Gedeeld: rechts in keel een St Andrieskruis van zilver, vergezeld van twaalf herkruiste kruisjes van goud, in elk kanton drie (Echt); links in goud de H. Gertrudis van Nivelles, dragende het gewaad van abdis van sabel, aangezicht en handen van natuurlijke kleur, houdende in de linkerhand een kromstaf, waartegen achter elkander opklimmen drie muisjes van goud, de kromming van den staf van sabel.
Het geheel omgeven door het randschrift: “Gemeentebestuur van Maasbracht”
Onze Minister van Justitie is belast met de uitvoering van dit besluit.
Het Loo, den 9 mei 1889, Willem.
De Minister van Justitie, Ruijs van Beerenbroek.”ii
Afbeelding van het gemeentewapen van Maasbracht van 1889
Toelichting op het wapen
Op het gemeentewapen van Maasbracht is Gertrudis van Nijvel gekleed in een zwart habijt van een abdis. In haar linkerhand houdt zij een kromstaf vast, waartegen drie muizen omhoogklimmen. Gertrudis van Nijvel is beschermheilige van onder meer reizigers en pelgrim en katten. Ook werd zij aangeroepen bij Het rechterdeel, voor de toeschouwer het linkerdeel, wordt door een Andreaskruis in vieren gedeeld.iii Ieder deel is voorzien van drie herkruiste kruisen. Dit deel is gelijk aan het wapen dat in 1887 aan de gemeente Echt werd verleend. Dat wapen is afgeleid van het gemeentezegel dat Echt sedert eeuwen gebruikte. De in totaal 12 herkruiste kruisen zouden, naar wel wordt beweerd, een verwijzing zijn naar twaalf gehuchten die tot de schepenbank van Echt hoorden: Aasterberg, Berkelaar, Ophoven, Gebroek, Slek, Peij, Schilberg, Hingen, (deel) St. Joost, Putbroek, Spaanshuisken en (een beetje een vreemde eend in de bijt) Visserweert. Een bewijs daarvoor is echter niet voorhanden.
Op het linkerdeel is Gertrudis van Nijvel afgebeeld, de patroonheilige van de kerk van Maasbracht. De moeder van Gertrudis, Ida van Nijvel, echtgenote van hofmeier Pepijn van Landen, stichtte in 640 te Nijvel een abdij. Haar dochter Gertrudis, geboren rond 626 te Landen, trad al jong in de abdij in en werd op 20- jarige leeftijd abdis. Zij was leergierig. Zij leefde in grote armoede en gaf veel aan armen, weduwen en wezen. Verzwakt door het vele vasten trad zij op 30-jarige leeftijd af als abdis. Zij stierf op 33- jarige leeftijd. Gertrudis wordt onder meer vereerd als beschermheilige van reizigers en pelgrims en van kanten. Ook wordt zij aangeroepen tegen muizen- en rattenplagen en slapeloosheid.
Het gemeentewapen van Maasbracht van 1889 is na de samenvoeging van Maasbracht met Ohé en Laak, Stevensweert en Linne in 1992 vervangen door een nieuw gemeentewapen. Na de samenvoeging van de gemeente Maasbracht, Heel en Thorn in 2007 heeft de nieuwe gemeente Maasgouw een wapen gekregen dat nogal afwijkt van de wapens van de opgeheven gemeenten.
Het gemeentewapen van Maasbracht 1992
De bovenste helft van het gemeentewapen van Maasbracht van 1992 bestaat uit het wapen van Echt. De onderste helft bevat de gouden leeuw van Gelre en de zilveren leeuw van het geslacht van Pietersheim, de oudst bekende heren van Stevensweert.
Het gemeentewapen van Maasgouw 2008
He schild wordt gedeeld door een golvende zilveren strook, symbool voor de Maas die door de gemeente stroomt. Het zwaard en de abdissenstaf herinneren aan de wereldlijk en geestelijke macht van het vroegere abdissenvorstendom Thorn, waarvan een groot deel thans tot de gemeente Maasgouw behoort.iv
Geraadpleegde literatuur:
De gemeentewapens van Nederland, Klaas Sierksma, Het Spectrum 1960.
De Maasgouw, 751-08-1889
Venloosch weekblad, 7 september 1889
Enkele artikelen op Wikipedia